Biografie

Mohammed Benzakour

Het is de tiende januari 1972. De dageraad heeft zich nog maar nauwelijks aangekondigd wanneer Mohammed Benzakour als vierde kind ter wereld komt. Zijn eerste levensschreeuw waait ijl weg over de nog geruisloze bergvlakte in het noordoostelijke Rifgedeelte van Berber-Marokko (lees 'De Berber'). Twee jaar lang plenst de gulle Noord-Afrikaanse zon haar stralen over zijn toen reeds gekrulde Morenkoppie - waarmee aan alle voorwaarden van warmbloedigheid wordt voldaan. Op zijn derde vertrekt hij, met moeder en broers naar Nederland. Zijn vader wacht hen aldaar met oliebesmeurde handen op.


In het keurig aangeharkte calvijnendorpje Zwijndrecht groeit hij op; kleuterschool, basisschool, atheneum, universiteit - de gehele inburgeringscursus marcheert luchtig voorbij . Ondertussen damt-ie, en voetbalt-ie de sterren van de hemel ('MM' - de Marokkaanse Maradona) bij VV Zwijndrecht tot hij geselecteerd wordt voor de Dordtse Selectie. Maar het lot wil anders. Mohammed struint liever rond in de Biesbosch, met Slauerhoff en Nescio in zijn binnenzak, fantaserend en mijmerend.- omdat ie diep in z'n hart meer een dromer dan een doener is.


Na een probleemloze studie carrière (sociologie en bestuurskunde), in combinatie met een raadslidschap in de gemeenteraad van Zwijndrecht verkiest hij een aanlokkelijke rijksoverheidsbaan boven een glansrijke promotieplaats. Maar helaas, ook de nobele ambtenarij blijkt niet te resoneren met zijn diepste hartenwensen, waardoor hij in Den Haag vele uren stiekem op het toilet doorbrengt, met Reve in de ene hand en cafe crème in de andere.


Na een kort dienstverband als medewerker van de PvdA-fractie in de Tweede Kamer wordt zijn gave van het woord 'ontdekt' als in februari 1998 zijn eerste opinieartikel in de NRC wordt geplaatst. Het zou de opmaat zijn voor de gongslag waarmee hij de Hollandse journalistiek binnenstormt. Afgelopen moest het zijn met die veilige, tot snot gekookte spruitjescolumnistiek. Met elegante dinosaurusmentaliteit smijt hij zijn columns in o.m. Contrast en de Volkskrant, daarmede vriend en vijand even gemakkelijk in de wolken als in de gordijnen jagend (zie: Archief'). Prijzen en bekroningen volgen en wijlen hoofdredacteur van de Groene, Martin van Amerongen, roemde het werk van deze 'enige Reviaan van Marokkaanse origine' als 'virtuoze taalmix van lef en liefde'.


Intussen blijkt Benzakour een prima ambassadeur van zichzelf. Keer op keer belandt hij door zijn felle pennenarsenaal in het middelpunt van de aandacht. Zijn, niet geheel van hilariteit ontspeende actie, tegen de Zwijndrechtse straatnaam 'Turk' werd nationaal nieuws. De befaamde 'Brief Aan Rita Verdonk' ontketende een storm op het internet en zijn column 'Trouwen is geen Pretje'genereerde een complete Hollandse windhoos, waarna hij prompt bij Pauw en Witteman verscheen om tekst en uitleg te geven over de gewraakte zin, waarop een collectief taboe bleek te berusten. Benzakour (die het altijd al beter met dieren kon vinden dan met mensen en intussen lijstduwer is van de Dierenpartij) reageert droog op alle tumult: 'Ach, ik slaap en poep nog steeds uitstekend.' Twee jaar later doet hij er een schepje bovenop met de column 'Berber Zoekt Vrouw'.


Zijn even theatrale, als immer sprankelende essays - over Mohammed B. die hij vergeleek met de Camus' hoofdpersoon Mersault uit L'etranger, over de jonge reborn-muslims die hij vergeleek met Goethe's Werther - stuk voor stuk worden ze ontvangen met een mix van bewondering en ergernis. De een prijst hem als de 'wederopstanding van de Rimbaud van de lage landen', een ander rept van 'taaltestosteron' en weer een ander schrijft meesmuilend over een 'barse roofridder van de moslimheilstaat'. Het levert hem al met al net zoveel lof- als haat-websites op. Benzakour: 'het vermakelijke is dat ik die haatinfo weleens tegenkom bij luie journalisten en rancuneuze mafkezen. Haha, fout gegoogled, denk ik dan'.


Het blijft niet bij de pennenstrijd. Behalve een ijverig redenaar en deelnemer aan debatten en symposia bezoekt hij in oktober 2005 de Palestijnse gebieden en wordt hij gesignaleerd bij anti-racisme en anti-oorlog demonstraties. Soms verzucht hij dat ie 'genoeg heeft van al die zuigende maatschappij-bekommernissen en het liefst terug wil naar de kalme, eeuwige schoonheid van het alledaagse'. Maar het blijft een ijdele wens: want de om zich heen grijpende hysterie en 'emancipatie van de angst' zorgen ervoor dat ie het niet kan nalaten om dwingend, en telkens opnieuw, van zich te laten horen én zien.


In zijn vrije tijd is Mohammed vaak te vinden achter zijn fornuis, voetbalt hij, luistert hij naar muziek en liefhebbert in allerhande schoonheden.



Meer achtergrond, zie ook: Wikipedia Mohammed Benzakour